Tijd om de vetmythe te begraven

Updated: Jun 5

Ondanks het populaire geloof onder artsen en het publiek, is het idee dat verzadigd vet leidt tot verstopping van de aderen is simpelweg onjuist, aldus wetenschappers (17). Wetenschappelijke onderzoeken (systematische reviews en meta-analyses) laten geen verband zien tussen de consumptie van verzadigd vet en mortaliteit door alle oorzaken, coronair hartziekte (CHD), CHD mortaliteit, ischemische beroerte of diabetes type 2 bij gezonde volwassenen (17).


Dat (verzadigd) vet slecht zou zijn zou ten eerste al heel bijzonder zijn aangezien wij in onze evolutionaire historie (verzadigd) vet in aanzienlijke hoeveelheden hebben gegeten. Moedermelk bevat notabene een calorische waarde van meer dan 50 procent vet waarvan weer 25 procent van het verzadigde type is. Er zijn bovendien hele bevolkingen die kerngezond zijn bij een dieet hoog in verzadigd vet. Toch wordt er door artsen en onderzoekers nog steevast vastgehouden en blindgestaard aan het idee dat LDL cholesterol de boosdoener is en het verlagen hiervan hart- en vaatziekte voorkomt.


Dat dit niet zo werkt laat de Sydney-dieet hartstudie zien waarbij waargenomen werd dat vervanging van verzadigd vet met linolzuur (omega-6) bevattende plantaardige oliën het sterfterisico verhoogt ondanks significante verlagingen van LDL en totaal cholesterol (TC). Dit is uitermate interessant, want het voedingscentrum adviseert ons juist om minder verzadigd vet te eten en meer van deze plantaardige oliën. Hoe zou het toch kunnen dat we steeds meer overgewicht, hart- en vaatziekten en andere chronische ziekten krijgen, ondanks deze goede adviezen (sarcasme).


Het verhaal over (verzadigd) vet is er een waar kapitalisme, ego en onwetendheid samenkomen. Het ontstond halverwege de 20ste eeuw toen Ancel Keys via observationele studies 'aantoonde', dat mensen die veel verzadigd vet consumeerden meer hart- en vaatziekte kregen. Hij was een groot voorvechter van zijn dieet-harthypothese dat stelt dat (verzadigd) vet het LDL ('slechte') cholesterol in het bloed verhoogt, zodoende zich in slagaders nestelt (atherosclerose) en daarmee hart- en vaatziekte veroorzaakt. Hoewel deze hypothese nooit is bewezen, zijn de meeste officiële voedingsrichtlijnen hierop gebaseerd (1). Het bewijs is gebaseerd op indirecte verbanden en bewezen geacht via consensus.


Dit artikel maakt inzichtelijk via grote wetenschappelijke onderzoeken dat er geen verband is tussen verzadigd vet en hart- en vaatziekten. Nog belangrijker wordt de werkelijke richting aangeven waarom de moderne mens overgewicht, hart- en vaatziekten en andere chronische ziekten in toenemende mate en ook jonger krijgt.


Wat heeft het verlagen van vet in onze voeding gedaan?

Sinds vooral het 'zevenlandenonderzoek' in de jaren 60 van Ancel Keys is de grote anti-vet campagne gelanceerd met 'groot' resultaat. De bevolking gehoorzaamde braaf en verlaagde haar vet consumptie. Heeft dit resultaat gegeven voor de gezondheid? Absoluut, maar niet in de richting dat we zouden willen. Bekijk zelf in onderstaande afbeelding de cijfers van een wetenschappelijk onderzoek dat een tegengesteld verband aantoont tussen het verlagen van vet in voeding en het toenemen van overgewicht onder de Amerikaanse volwassenen in het tweede deel van de 20ste eeuw (1). Nederland zal dit patroon helaas niet veel later volgen. Dit laat al zien dat er eerder een andere factor of factoren een rol spelen en niet zozeer (verzadigd) vet.


Afbeelding 1: Het verloop zien tussen het verlagen van calorie door

vetinname en de verhoging van overgewicht onder volwassen in de VS.

Wetenschappelijke bron (1)

Anghel, S. I., & Wahli, W. (2007). Fat poetry: a kingdom for PPAR gamma.

Cell research, 17(6), 486–511. https://doi.org/10.1038/cr.2007.48.


Toename van diabetes in Nederland

Nederland volgde pas later het patroon dat hierboven te zien, omdat Amerika als 'grootmacht' vroeger is op maatschappelijk gebied. Nederland scoorde in de jaren 60 ten opzichte van andere landen zelfs best goed op het gebied van hart- en vaatziekten, terwijl het dus in Amerika al sterk de verkeerde kant uit ging. Eind 20ste en begin 21ste eeuw veranderde dit en ging Nederland het patroon van Amerika volgen. Er was vanaf dan een continue toename van overgewicht en mate van diabetes onder de Nederlandse bevolking, ondanks voedingscampagnes en maatregelen, zoals het verlagen van vet.


Ditzelfde patroon zien we overigens weer later optreden in Zuid Amerika en Azië. Daar waar een westerse voeding-/leefgewoonten ontstaat, doet overgewicht en chronische ziekte zijn intrede. Het patroon gaat tot op heden niet de goede kant op in Nederland. heeft de Nederlandse overheid en haar orgaan het voedingscentrum wel de wijsheid om de bevolking gezonder te maken? Ik denk het niet zo lang zij niet vanuit evolutionair biologische kaders gaan denken en adviseren. De adviezen hebben vooralsnog weinig te maken met hoe de natuur ons gemaakt heeft. Dit leidt tot tegenovergestelde effecten op onze gezondheid. Gelukkig hebben we altijd nog de pillen..?


Afbeelding 2: In 2001 had 2% van de Nederlandse bevolking diabetes type 2

wat gegroeid is over de jaren heen en in 2013 uitkomt op 4%.

Bron (2)

Centraal bureau voor de statistiek.



Er is geen correlationeel verband tussen (verzadigd) vet eten en hart- en vaatziekten laten grote studies zien

Studie 1: "(2015) Reduction in saturated fat intake for cardiovascular disease".

Achtergrond: Deze systematische review en meta-analyse van gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken werd uitgevoerd door de Cochrane groep - een onafhankelijke organisatie van wetenschappers.


Deze review omvat 15 gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken met meer dan 59.000 deelnemers. Elk van deze onderzoeken had een controlegroep, verminderde verzadigd vet of verving het door andere soorten vet, duurde minimaal 24 maanden en keken naar harde eindpunten, zoals hartaanvallen of overlijden.


Resultaten: De studie vond geen statistisch significante effecten van het verminderen van verzadigd vet met betrekking tot hartaanvallen, beroertes of sterfgevallen door alle oorzaken.


Conclusie: mensen die hun inname van verzadigd vet verminderden, liepen evenveel kans om te overlijden of hartaanvallen of beroertes te krijgen als mensen die meer verzadigd vet aten.


Studie 2: "(2015) Intake of saturated and trans unsaturated fatty acids and risk of all-cause mortality, cardiovascular disease, and type 2 diabetes" (3).

Achtergrond: In deze systematische, observationele review van studies werd gekeken naar de associatie van verzadigd vet en hartaandoeningen, beroerte, diabetes type 2 en overlijden door hart- en vaatziekten. De gegevens omvatten 73 onderzoeken, met 90.500-339.000 deelnemers voor elk eindpunt.


Resultaten: inname van verzadigd vet was niet gekoppeld aan hartaandoeningen, beroertes, diabetes type 2 of overlijden door welke oorzaak dan ook. Industriële transvetten daarentegen wel.


Conclusie: mensen die meer verzadigd vet consumeerden, liepen niet meer kans op hartaandoeningen, beroertes, diabetes type 2 of overlijden door welke oorzaak dan ook, vergeleken met degenen die minder verzadigd vet aten. Transvetten worden in verband gebracht met sterfte door alle oorzaken, totale cardiovasculaire ziekten en cardiovasculaire mortaliteit, waarschijnlijk vanwege een hogere inname van industriële transvetten dan transvetten uit vlees van herkauwers.


Studie 3: "(2010) Meta-analysis of prospective cohort studies evaluating the association of saturated fat with cardiovascular disease" (4).

Achtergrond: In deze review werd gekeken naar bewijs uit observationele studies over het verband tussen verzadigd vet in de voeding en het risico op hartaandoeningen en beroertes. De onderzoeken omvatten in totaal 347.747 deelnemers, die gedurende 5–23 jaar werden gevolgd.


Resultaten: Tijdens de follow-up ontwikkelde ongeveer 3% van de deelnemers (11.006 mensen) een hartaandoening of beroerte. De inname van verzadigd vet was niet gekoppeld aan een verhoogd risico op hart- en vaatziekten, hartaanvallen of beroertes, zelfs niet bij degenen met de hoogste inname.


Conclusie: deze studie vond geen verband tussen de inname van verzadigd vet en hart- en vaatziekten.


Studie 4: "(2014) Association of dietary, circulating, and supplement fatty acids with coronary risk: a systematic review and meta-analysis" (5).

Achtergrond: In deze review werd gekeken naar cohortstudies en gerandomiseerde gecontroleerde studies naar het verband tussen voedingsvetzuren en het risico op hartaandoeningen of plotselinge hartdood. De studie omvatte 49 observationele studies met meer dan 550.000 deelnemers, evenals 27 gerandomiseerde gecontroleerde studies met meer dan 100.000 deelnemers.


Resultaten: De studie vond geen verband tussen de consumptie van verzadigd vet en het risico op hartaandoeningen of overlijden.


Conclusie: mensen met een hogere inname van verzadigd vet liepen geen verhoogd risico op hartaandoeningen of plotselinge dood. Bovendien vonden de onderzoekers geen enkel voordeel om meervoudig onverzadigde vetten te consumeren in plaats van verzadigde vetten. Omega-3-vetzuren met lange ketens waren een uitzondering, omdat ze beschermende effecten hadden.


Studie 5: "(2014) Effect of the amount and type of dietary fat on cardiometabolic risk factors and risk of developing type 2 diabetes, cardiovascular diseases, and cancer: a systematic review" (6).

Achtergrond: In deze systematische review werden de effecten van de hoeveelheid en het type vet in de voeding op het lichaamsgewicht en het risico op diabetes type 2, hart- en vaatziekten en kanker beoordeeld. Deelnemers waren zowel gezonde mensen als mensen met risicofactoren. Deze review omvatte 607 onderzoeken, waaronder gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken, prospectieve cohortonderzoeken en case-controleonderzoeken.


Resultaten: het consumeren van verzadigd vet was niet gekoppeld aan een verhoogd risico op hartaandoeningen of een verhoogd risico op diabetes type 2. De onderzoekers ontdekten dat het gedeeltelijk vervangen van verzadigd vet door meervoudig onverzadigd of enkelvoudig onverzadigd vet de LDL ('slechte') cholesterolconcentraties kan verlagen. Het kan ook het risico op hart- en vaatziekten verminderen, vooral bij mannen.

Het vervangen van verzadigd vet door geraffineerde koolhydraten kan echter het risico op hart- en vaatziekten vergroten!


Conclusie: het eten van verzadigd vet verhoogt het risico op hartaandoeningen of diabetes type 2 niet. Het gedeeltelijk vervangen van verzadigd vet door meervoudig onverzadigd vet kan echter het risico op hartaandoeningen helpen verminderen, vooral bij mannen.


*Dat laatste wordt gebaseerd op het idee dat LDL een risicofactor is en is dus speculatie. Er wordt dus geen verband gezien tussen het eten van verzadigd vet en hart- en vaatziekten.


Studie 6: "(2017) The effect of replacing saturated fat with mostly n-6 polyunsaturated fat on coronary heart disease: a meta-analysis of randomised controlled trials" (7).

Achtergrond: Een hoeksteen van conventioneel voedingsadvies is de aanbeveling om verzadigde vetzuren te vervangen door voornamelijk n-6 meervoudig onverzadigde vetzuren om het risico op coronaire hartziekte (CHD) te verminderen. Eerdere meta-analyses hielden onvoldoende rekening met de belangrijkste verstorende variabelen die in sommige van die onderzoeken aanwezig waren. In dit artikel wordt er onderscheid gemaakt tussen onderzoeken met goede kwaliteit en onderzoeken van slechte kwaliteit.


Resultaten: Bij het samenvoegen van resultaten van alleen de goede onderzoeken is er geen effect te zien, wanneer verzadigd vet worden vervangen door meervoudige onverzadigd vet voor CHD, CHD-mortaliteit en totale mortaliteit. Wanneer de onderzoeken met lage kwaliteit worden meegenomen, dan wordt er gezien dat het vervangen van verzadigd vet door voornamelijk omega-6 meervoudige onverzadigde vetten het risico op totale CHD-gebeurtenissen significant zou verminderen, maar geen ernstige CHD-voorval, CHD-mortaliteit en totale mortaliteit.


Conclusie: Beschikbaar bewijs uit adequaat gecontroleerde gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken laat zien dat het onwaarschijnlijk is dat vervanging van verzadigd vet door voornamelijk omega-6 meervoudig onverzadigde vetten voorvallen van CHD, mortaliteit door CHD of totale mortaliteit zal verminderen. De suggestie van voordelen die in eerdere meta-analyses werden gerapporteerd, is te wijten aan het opnemen van onvoldoende gecontroleerde onderzoeken. Deze bevindingen hebben gevolgen voor de huidige voedingsaanbevelingen.


Geen indirect verband en al zeker geen direct verband

Het leeuwendeel van de wetenschappelijke literatuur en zoals het laatste onderzoek bovendien aangeeft, laten goed opgezette studies geen enkel verband zien tussen de inname van verzadigd vet en het krijgen van hart- en vaatziekten en maakt het verhogen van (meervoudige) onverzadigde ten opzichte van verzadigde vetten niet uit om hart- en vaatziekten te voorkomen.


Bovendien laten experimentele studies bevestigend en onbetwistbaar zien dat er geen verband is tussen (verzadigd) vet en hart- en vaatziekten en adviseren dat de voedingsrichtlijnen worden aangepast (14).


Waarom eten we dan vetarm en zoveel plantaardig oliën (linolzuur/omega 6)

Interessant is dat het organisaties zoals het voedingscentrum nog steeds adviseren dat we verzadigde vetten moeten vervangen met plantaardige oliën (linolzuur/omega 6). De kuddedieren die we zijn volgen trouw hun hoeder. We eten allerlei vetarme producten en de voedingsindustrieën zijn de enigen die er op echt op vooruit gaan. De gewone burger namelijk niet en daarover verderop meer.


Hoe dit zover heeft kunnen komen wordt vooral bepaald door financiële/politieke belangen en processen. Volkswagen en het dieselschandaal of hoe de tabaksindustrie roken lange tijd buiten blaam hield zijn twee voorbeelden, waaraan we kunnen zien dat we niet in een sprookje leven. Corruptie is zo oud als de samenleving bestaat en komt niet alleen voor in politieke kringen. Hieronder kunnen we lezen hoe het verhaal over vet en hart- en vaatziekte ook erg 'stinkt' en hoe er ook zoiets bestaat als corrupte wetenschappers.


Maak niet de menselijke vergissing om te geloven dat intelligentie direct verband heeft met morele gezondheid.


Intelligentie ≠ morele gezondheid


Hoe ontstond de kruisvaart tegen vet?

in 1963 is de beroemde 'zevenlandenstudie' gepubliceerd met aan het hoofd onderzoeker Ancel Keys, waarin hij 7 landen onderzocht en de mate van het eten van vet in verband met hart- en vaatziekten ofwel cardiovasculaire ziekte (CVD). In dit onderzoek kwam naar voren dat Amerikanen veel vet aten en veel CVD hadden. Japanners aten juist weinig vet en hadden weinig CVD. In de dataset zat een totaal van 7 landen waarbij een verband aangetoond zou zijn tussen vet eten en CVD.


Vooral door deze studie werd de 'dieet-harthypothese' van Keys de wereld in gelanceerd; het idee dat (verzadigd) vet eten leidt tot de verhoging van 'ongezond' LDL cholesterol en daarmee het ontstaan van hart- en vaatziekten verklaard. Deze hypothese is nooit door experimenteel onderzoek bevestigd danwel goed onderbouwd. Denkt u bijvoorbeeld dat vet of cholesterol regelrecht direct naar uw dijen of vaten gaat? Gelukkig bouwt het menselijk lichaam het eerst af voordat het weer opgebouwd wordt in een gewenste vorm. De vraag is waarom het lichaam continu vet opslaat of vaten dicht plamuurt. Het eten van vet of cholesterol hoeft niet te leiden tot het aanmaken van meer dij of 'vaatplamuursel'.


Gezondheidsorganisaties en overheden namen Ancel Keys zijn conclusies over en gingen grootschalig de bevolking adviseren om minder vet te eten. Het advies was verzadigd en dierlijk vet te vervangen door (meervoudig) onverzadigde plantaardige oliën, waarin vooral omega-6 zit.


Hoe de wereld er in is getuind

Volgens de Britse krant 'The Guardian' had Keys gedurende de jaren zestig behoorlijke institutionele macht opgebouwd (9). Hij verzekerde zich van plaatsen voor zichzelf en zijn bondgenoten in de besturen van de meest invloedrijke organen in de Amerikaanse gezondheidszorg, waaronder de 'American Heart Association' en de 'National Institutes of Health'. Vanuit deze bolwerken stuurden ze fondsen naar gelijkgestemde onderzoekers en gaven gezaghebbend advies aan de natie. "mensen zouden de feiten moeten kennen", vertelde Keys aan het tijdschrift Time. "Als ze zichzelf dan dood willen eten, laat ze dan". Het klink als een lieverd..


Veel wetenschappers, vooral Britse, bleven sceptisch. De meest prominente twijfelaar was John Yudkin, destijds de belangrijkste voedingsdeskundige in het Verenigd Koninkrijk. Toen Yudkin de gegevens over hartaandoeningen bekeek, viel het hem op dat ze verband hielden met de consumptie van suiker en niet met vet. Hij voerde een reeks laboratoriumexperimenten uit op dieren en mensen en observeerde, net als anderen vóór hem, dat suiker wordt verwerkt in de lever, waar het in vet verandert, voordat het in de bloedbaan terechtkomt.


Yudkin gebruikte biologische evolutionaire kennis en merkte op dat koolhydraten pas 10.000 jaar geleden een groot onderdeel van het menselijk dieet werden, met de komst van landbouw. Suiker - een pure koolhydraat, waarvan alle vezels en voedingsstoffen zijn verwijderd - maakt nog veel korter en sinds 300 jaar deel uit van het menselijke dieet. In evolutionair termen gezien is het alsof we pas onze tweede dosis koolhydraten (zoals brood) hebben genomen en onze eerste dosis van suiker. Verzadigde vetten daarentegen zijn zo nauw verbonden met onze evolutie dat ze overvloedig aanwezig zijn in moedermelk. Yudkin betoogde dat het eerder de recente intrede van koolhydraten en suiker van oorzaak was, dan een prehistorische hoofdbestanddeel (verzadigd vet), waarom we ziek worden. Had de mensheid maar meer naar hem (en anderen) kunnen luisteren..


Ancel Keys was zich er sterk van bewust dat Yudkins suikerhypothese een alternatief vormde voor de zijne. Als Yudkin een artikel zou publiceren, zou Keys er veel voor verzetten om het te blokkeren. Hij noemde Yudkins theorie "een berg onzin" en beschuldigde hem ervan ‘propaganda’ uit te vaardigen voor de vlees- en zuivelindustrie. "Yudkin en zijn commerciële geldschieters laten zich niet afschrikken door de feiten", zei hij. "Ze blijven hetzelfde in diskrediet gebrachte deuntje zingen." Yudkin reageerde nooit op dezelfde manier. Hij was kieskeurig, nauwkeurig, zachtaardig, niet demonstratief en bovendien ongeschoold in de kunst van het politieke gevecht.


Dat maakte hem kwetsbaar voor aanvallen, en niet alleen van Keys: Het British Sugar Bureau verwierp de beweringen van Yudkin over suiker als "emotionele beweringen" en de World Sugar Research Organization noemde zijn boek "science fiction". Yudkin was kieskeurig, nauwkeurig en niet demonstratief. Hij moest jammer genoeg opboksen tegen veel machtigere tegenstanders.


Keys was de oorspronkelijke big data-man. Een tijdgenoot merkte bijvoorbeeld op: "Elke keer dat je deze Keys ondervraagt, zegt hij: Ik heb 5.000 deelnemers in de studie. Hoeveel heb jij?". Ik zie een man met een groot ego.., enfin verder: Ondanks zijn monumentale status was de 'zevenlandenstudie', die de basis vormde voor een reeks volgende artikelen van de oorspronkelijke auteurs, een gammele constructie. Er was geen objectieve basis voor de door Keys gekozen landen, en het is moeilijk om de conclusie te vermijden dat hij alleen de landen uitkoos waarvan hij vermoedde dat ze zijn hypothese zouden ondersteunen. Het is tenslotte nogal wat om zeven landen in Europa te kiezen en Frankrijk en het toenmalige West-Duitsland weg te laten, maar toen wist Keys al dat de Fransen en Duitsers relatief weinig hartaandoeningen hadden, ondanks dat ze leefden op een dieet dat rijk was aan verzadigde vetten.


De 'zevenlandenstudie' nu in complete vorm geanalyseerd

Hoewel Keys een verband zou hebben aangetoond tussen hartaandoeningen en verzadigd vet, had hij de mogelijkheid niet uitgesloten dat hartaandoeningen door iets anders werden veroorzaakt. Jaren later ging de Italiaanse hoofdonderzoeker van de 'zevenlandenstudie', Alessandro Menotti, terug naar de gegevens en ontdekte dat het voedsel dat het nauwst correleerde met sterfgevallen door hartaandoeningen niet verzadigd vet was, maar geraffineerd suiker.


Het bleek dus dat Keys de dataset heeft gemanipuleerd en er eigenlijk 22 landen in de totale dataset zaten. In deze dataset van 22 landen zaten namelijk ook landen zoals Chili, waar mensen laag in vet aten en hoog in CVD scoorden, maar ook landen zoals Frankrijk, Nederland en Noorwegen, waar een hoge inname van (verzadigd) vet samen gaat met een relatief laag voorkomen van CVD. Zo aten onze (overgroot) oma's en opa's bijvoorbeeld roomboter en natuurlijke producten en waren prima gezond. Nu wordt roomboter door het voedingscentrum afgeraden.


Een idee neergezet met de steun van de 'suikerindustrie'

Toen naar buiten kwam dat Ancel Keys de resultaten gemanipuleerd had, was het kwaad geschiet en ging de hele wereld geloven dat vet eten slecht is. Bovendien bleef Keys met zijn connecties invloed hebben en zijn geloof verdedigen. Hierbij kreeg hij en gelijkgestemden steun vanuit de suikerindustrie, zo schrijven wetenschappers en de 'New York Times' (10,11). In een wetenschappelijk artikel waarin vele documenten zijn geanalyseerd blijkt dat een handelsgroep genaamd de 'Sugar Research Foundation', tegenwoordig bekend als de 'Sugar Association', drie Harvard-wetenschappers het equivalent van ongeveer $50.000 in dollars van vandaag heeft betaald, om een ​​recensie uit 1967 te publiceren over onderzoek naar suiker, vet en hartaandoeningen. De onderzoeken die in de review werden gebruikt, zijn zorgvuldig uitgekozen door de suikergroep en het artikel, dat werd gepubliceerd in het prestigieuze New England Journal of Medicine, minimaliseerde het verband tussen suiker en de gezondheid van het hart en wierp kritiek op de rol van verzadigd vet. Hoewel de beïnvloeding door de documenten die in de documenten worden onthuld bijna 50 jaar teruggaat, blijkt uit recentere rapporten dat de voedingsindustrie de voedingswetenschap is blijven beïnvloeden.


De hypothese dat (verzadigd) vet eten de kans op hart- en vaatziekten verhoogt of veroorzaakt heeft tot op de dag van vandaag desastreuze gevolgen. Keys die buitengewoon intelligent was, wist heel goed wat hij deed met het weglaten van de data, dat op zachte wijze gezegd fraude is. De daden van Keys & co hebben waarschijnlijk meer doden teweeg gebracht dan Hitler, een andere egomaniak. Hart- en vaatziekten zijn al lange tijd doodsoorzaak nummer 1 in de moderne wereld. Kanker dat (voornamelijk) ook veroorzaakt wordt door onderliggende redenen komt ook steeds meer voor. Persoonlijk geloof ik niet dat de daden van Keys voortkomen uit onbewust incompetent zijn. In hoeverre hij bewust handelde, ziek en onwetend was zullen we waarschijnlijk nooit achterhalen. Deze Pandora's doos blijft waarschijnlijk nog wel even dicht, gezien de belangen van de farmaceutische- en voedingsindustrie die op het spel staan. 'Wees gerust', de kapitalistische trein rijdt wel rustig verder..


De werkelijke oorzaak: Laaggradige ontsteking

De oorzaak van overgewicht, atherosclerose, hart- en vaatziekten en chronische ziekten ligt niet zozeer in natuurlijk (verzadigd) vet, eiwit of koolhydraten. Onderzoeken naar verschillende diëten laten dit zien en komen namelijk met tegenstrijdige resultaten. Zo kan een dieet hoog in vet of hoog in koolhydraten beide tot gezondheid leiden. De interactie tussen de vele (alle) leefstijlfactoren bepaalt of verzadigd vet, suiker of eigenlijk elke voedingsstof, bijdraagt ​​aan ontsteking, veranderingen in het cholesterolmetabolisme en uiteindelijk het risico op hart- en vaatziekten (16) Alles wat de homeostase - balans verstoort draagt bij aan hart- en vaatziekten via ontstekingsprocessen. De meest homeostase verstorende voedingsstof waar de moderne mens last van heeft is omega-6. Lees verderop over verder.


Nog specifieker heeft dit te maken met de chroniciteit te maken. Ontsteking is namelijk een heel normaal fysiologisch genezingsproces. Wat de wetenschap laaggradige ontsteking noemt is niet meer een 'normale' ontsteking, maar een slopende 'brandhaard' waarbij het lichaam niet in staat is te genezen. Deze ontsteking en brandhaard vindt ook plaats in de bloedvaten met alle gevolgen van dien.


De gevolgen van een vastgelopen genezingsproces

Aderverkalking (atherosclerose) is het blijven hangen in een wondgenezingsfase en het overmatig 'plakken van pleisters'. Na jaren en decennia is het dat aderen verstoppen. Het verlagen van LDL ('slechte) cholesterol of 'de pleisters', is waar de reguliere gezondheidszorg op mikt. De oorzaken van het ontstekingsproces hierachter worden daarmee echter niet opgelost.


Chronische ontsteking veroorzaakt dus na verloop van tijd hart- en vaatziekten, maar ook andere moderne westerse chronische ziekten. Dit is wel oplosbaar door middel van leefstijlgeneeskunde (17), zoals onderstaande afbeelding en studie aangeeft.


Afbeelding 4: Hart- en vaatziekte veroorzaakt door insuline resistentie en systemische (chronische) ontsteking is te genezen via leefstijlgeneeskunde, door middel van een hoog vet mediterraans dieet en het verbeteren van de omega-3 / omega 6 balans.

Wetenschappelijke bron (17)

(2017). Saturated fat does not clog the arteries: coronary heart disease

is a chronic inflammatory condition, the risk of which can be

effectively reduced from healthy lifestyle interventions.



Omega-3 / omega-6 (linolzuur) disbalans door westerse voeding is pro-ontsteking

We zagen in één van de onderzoeken dat omega-3 beschermend is tegen hart- en vaatziekten (5). Dit komt omdat in onze westerse voeding een overmaat aan omega-6 en een tekort aan omega-3 zit. In onze evolutionaire geschiedenis at de mens namelijk een op zeeleven gebaseerd dieet van vis, zeealgen en schaaldieren. We leefden aan wateren, waar voedsel en leven is en aten daardoor veel meer omega-3 en minder omega-6 aten.


Leestip: introductie omega 3 en omega 6 vetzuren


De balans of de omega 6 / omega-3-verhouding was in onze evolutionaire geschiedenis 2:1 (18). In westerse diëten is de verhouding 15:1. Deze hoge omega-6 / omega-3-verhouding, bevordert het ontstaan van vele ziekten, waaronder hart- en vaatziekten, kanker, osteoporose, inflammatoire en auto-immuunziekten, terwijl verhoogde niveaus van omega-3 (een lagere omega-6/omega-3-verhouding), een onderdrukkend effect hebben (19).


Afbeelding 5: Omega-6 zit meer en in grote

hoeveelheden in onze dieet dan dit vroeger was.


Omega-6 (linolzuur) overschot wanneer je de schijf van vijf volgt

Omega-6 zit tegenwoordig diep geworteld in onze voedingspatroon. Zonnebloemolie is zo goedkoop dat je voor een paar euro met een fles de jaarlijkse dosis omega 6 te pakken hebt. Omdat het zo goedkoop is wordt het overal ingestopt, zoals koekjes en baksels. Ook is brood een grote bron van omega-6 met bovendien maar weinig omega-3. De ongunstige verhouding in brood is namelijk 20:1.


Omega-6 wordt door het voedingscentrum, Hartstichting en Becel verkondigd als bevorderlijk voor hart- en bloedvaten. Dit klopt, maar niet in de verhouding dat we al generaties binnenkrijgen. Verzadigde vetten vervangen door onverzadigde vetten is nog steeds het advies, wat neerkomt op een toename van de omega-6 inname. De schijf van vijf heeft weinig te maken met fysiologische balansen die we kunnen herleiden uit evolutie en wetenschap.


Afbeelding 6: Becel jokt al decennia met verschillende producten. Ditmaal zou dit

product ons gezonder maken, omdat er omega 3 aan toegevoegd is. Echter is een

Omega-6 / omega 3 verhouding van 5,3:1 dat nog steeds ziekmakend.


Ook vlees bevat veel meer omega-6 dan natuurlijk hoort

Al decennia maken voedingsindustrieën ons zieker door het aanbieden van dit soort onnatuurlijke ongebalanceerde producten, waar nog steeds heel veel omega-6 in zit. Ook krijgen de dieren die we eten een onnatuurlijke en ongebalanceerd dieet, waardoor wij via het vlees de verhouding omega 6 / omega 3 in onze lichaam en cellen verhogen. Koeien krijgen bijvoorbeeld 'krachtvoeding', wat bestaat uit veel mais en granen en dus veel omega-6. Het ongevarieerde en onnatuurlijke dieet maakt hen net zo ziek als dat het ons maakt.


Het gevolg is dat het vlees van graangevoerde runderen een omega 6 / omega 3-verhouding van 9:1 heeft, terwijl 100% grasgevoerd runderen een omega-6 /omega-3-verhouding bevatten van 2:1 (20). Het is een verklaring en factor waarom vlees eten in studies geassocieerd is met het krijgen van allerlei ziekten. In principe is met het eten van vlees niets mis, want ook dat aten onze voorouders, alleen lijkt het vlees van vandaag niet zoveel op wat het was. Ditzelfde geldt helaas zelfs voor gekweekte vis, die net zoals koeien gevoerd worden met onnatuurlijk voedsel. Bekijk hieronder een volledige presentatie over westerse ziekten en de relatie met omega-6.


Presentatie: Omega-6 in relatie met

ziekten van onze westerse beschaving.


Conclusie

De oorzaak en reden voor atherosclerose, hart- en vaat of andere chronische moderne ziekten ligt niet zozeer in het eten van (verzadigde) vetten. Evolutie en wetenschap wijst de vinger meer in de richting van ongezonde voeding-/leefstijlfactoren die aanzetten tot chronische systemische laaggradige ontsteking. Een grote factor van chronische ontsteking is hoogstwaarschijnlijk de westerse hoge inname van omega-6 (linolzuur), ten opzichte van de verlaagde inname van omega-3.


In een westers voedingspatroon (zonnebloemolie, brood, margarine et cetera) zien we namelijk dat de omega 6/ omega 3 verhouding 15:1 is, terwijl dit in onze evolutionaire historie 2:1 was. Onze voorouders leefden namelijk vooral van zeeleven zoals vis, algen en schaaldieren, die zeer rijk zijn aan omega-3. Daarnaast hadden zij geen flessen zonnebloemolie staan en smeerden zij niet dagelijks boterhammen met margarine of pindakaas. De bommen van omega-6 die wij dagelijks binnenkrijgen zet ons immuunsysteem chronisch aan, wat leidt tot een laaggradige ontsteking, een proces dat leidt tot chronische ziekte. Ondanks legio wetenschappelijk bewijs dat verzadigd vet niet schadelijk is blijven organisatie zoals het voedingscentrum adviseren om verzadigd vet te verminderen in de richting van producten met omega-6. Vraag uzelf nou ten minste af of ga op zoek naar informatie naar wat u 20.000 jaar geleden zou hebben gegeten. Dan komt u uit op wat vandaag de dag, wegens evolutie-genetica, gezond is voor uw lichaam.


Bronnen

  1. Anghel, S. I., & Wahli, W. (2007). Fat poetry: a kingdom for PPAR gamma. Cell research, 17(6), 486–511. https://doi.org/10.1038/cr.2007.48.

  2. https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2014/46/steeds-meer-mensen-met-diabetes

  3. Hooper, L., Martin, N., Abdelhamid, A., & Davey Smith, G. (2015). Reduction in saturated fat intake for cardiovascular disease. The Cochrane database of systematic reviews, (6), CD011737. https://doi.org/10.1002/14651858.CD011737

  4. de Souza, R. J., Mente, A., Maroleanu, A., Cozma, A. I., Ha, V., Kishibe, T., Uleryk, E., Budylowski, P., Schünemann, H., Beyene, J., & Anand, S. S. (2015). Intake of saturated and trans unsaturated fatty acids and risk of all cause mortality, cardiovascular disease, and type 2 diabetes: systematic review and meta-analysis of observational studies. BMJ (Clinical research ed.), 351, h3978. https://doi.org/10.1136/bmj.h3978

  5. Siri-Tarino, P. W., Sun, Q., Hu, F. B., & Krauss, R. M. (2010). Meta-analysis of prospective cohort studies evaluating the association of saturated fat with cardiovascular disease. The American journal of clinical nutrition, 91(3), 535–546. https://doi.org/10.3945/ajcn.2009.27725

  6. Chowdhury, R., Warnakula, S., Kunutsor, S., Crowe, F., Ward, H. A., Johnson, L., Franco, O. H., Butterworth, A. S., Forouhi, N. G., Thompson, S. G., Khaw, K. T., Mozaffarian, D., Danesh, J., & Di Angelantonio, E. (2014). Association of dietary, circulating, and supplement fatty acids with coronary risk: a systematic review and meta-analysis. Annals of internal medicine, 160(6), 398–406. https://doi.org/10.7326/M13-1788

  7. Schwab, U., Lauritzen, L., Tholstrup, T., Haldorssoni, T., Riserus, U., Uusitupa, M., & Becker, W. (2014). Effect of the amount and type of dietary fat on cardiometabolic risk factors and risk of developing type 2 diabetes, cardiovascular diseases, and cancer: a systematic review. Food & nutrition research, 58, 10.3402/fnr.v58.25145. https://doi.org/10.3402/fnr.v58.25145

  8. Hamley S. (2017). The effect of replacing saturated fat with mostly n-6 polyunsaturated fat on coronary heart disease: a meta-analysis of randomised controlled trials. Nutrition journal, 16(1), 30. https://doi.org/10.1186/s12937-017-0254-5

  9. https://www.theguardian.com/society/2016/apr/07/the-sugar-conspiracy-robert-lustig-john-yudkin

  10. https://www.nytimes.com/2016/09/13/well/eat/how-the-sugar-industry-shifted-blame-to-fat.html

  11. Kearns CE, Schmidt LA, Glantz SA. Sugar Industry and Coronary Heart Disease Research: A Historical Analysis of Internal Industry Documents. JAMA Intern Med. 2016;176(11):1680–1685. doi:10.1001/jamainternmed.2016.5394

  12. Ketogenic Diet and Metabolic Therapies: Expanded Roles in Health and Disease Masino https://oxfordmedicine.com/view/10.1093/med/9780190497996.001.0001/med-9780190497996

  13. Ravnskov, U., de Lorgeril, M., Diamond, D. M., Hama, R., Hamazaki, T., Hammarskjöld, B., Hynes, N., Kendrick, M., Langsjoen, P. H., Mascitelli, L., McCully, K. S., Okuyama, H., Rosch, P. J., Schersten, T., Sultan, S., & Sundberg, R. (2018). LDL-C does not cause cardiovascular disease: a comprehensive review of the current literature. Expert review of clinical pharmacology, 11(10), 959–970. https://doi.org/10.1080/17512433.2018.1519391

  14. Harcombe, Z., Baker, J. S., DiNicolantonio, J. J., Grace, F., & Davies, B. (2016). Evidence from randomised controlled trials does not support current dietary fat guidelines: a systematic review and meta-analysis. Open heart, 3(2), e000409. https://doi.org/10.1136/openhrt-2016-000409

  15. Noakes, M., Foster, P. R., Keogh, J. B., James, A. P., Mamo, J. C., & Clifton, P. M. (2006). Comparison of isocaloric very low carbohydrate/high saturated fat and high carbohydrate/low saturated fat diets on body composition and cardiovascular risk. Nutrition & metabolism, 3, 7. https://doi.org/10.1186/1743-7075-3-7

  16. Ruiz-Núñez, B., Dijck-Brouwer, D. A., & Muskiet, F. A. (2016). The relation of saturated fatty acids with low-grade inflammation and cardiovascular disease. The Journal of nutritional biochemistry, 36, 1–20. https://doi.org/10.1016/j.jnutbio.2015.12.007

  17. Malhotra, A., Redberg, R. F., & Meier, P. (2017). Saturated fat does not clog the arteries: coronary heart disease is a chronic inflammatory condition, the risk of which can be effectively reduced from healthy lifestyle interventions. British journal of sports medicine, 51(15), 1111–1112. https://doi.org/10.1136/bjsports-2016-097285

  18. Kuipers, R. S., Luxwolda, M. F., Dijck-Brouwer, D. A., Eaton, S. B., Crawford, M. A., Cordain, L., & Muskiet, F. A. (2010). Estimated macronutrient and fatty acid intakes from an East African Paleolithic diet. The British journal of nutrition, 104(11), 1666–1687. https://doi.org/10.1017/S0007114510002679

  19. Simopoulos A. P. (2006). Evolutionary aspects of diet, the omega-6/omega-3 ratio and genetic variation: nutritional implications for chronic diseases. Biomedicine & pharmacotherapy = Biomedecine & pharmacotherapie, 60(9), 502–507. https://doi.org/10.1016/j.biopha.2006.07.080

  20. Daley, C. A., Abbott, A., Doyle, P. S., Nader, G. A., & Larson, S. (2010). A review of fatty acid profiles and antioxidant content in grass-fed and grain-fed beef. Nutrition journal, 9, 10. https://doi.org/10.1186/1475-2891-9-10




20 views0 comments